Print

Scherpenheuvel

“Het Gulden Vlies”

Het bedevaartsoord Scherpenheuvel bestaat ruim vierhonderd jaar. In al die tijd ontving de stad miljoenen bedevaarders die een slaapplaats vonden in één van de vele afspanningen of herbergen.

Rond 1600 werd "Het Gulden Vlies" gebouwd in renaissancestijl, een stijl die uiteindelijk vergeten werd nadat de barok zijn intrede deed. Het gebouw vertoont zowel verschillen als overeenkomsten met de vroegbarok van de basiliek, waarvoor nauwelijks een paar jaar later de eerste steen werd gelegd.

Tijdens de bouw van de kerk bood "Het Gulden Vlies" onderdak aan een leger beeldhouwers en schilders, maar ook belangrijke gasten zoals de aartshertogen Albrecht en Isabella vonden er een slaapplaats. Zij bezochten de bouwwerf regelmatig en er werd zelfs beweerd dat de herberg en de basiliek met elkaar verbonden waren via een onderaardse gang!

Oratorianensite en Barokgang

De heilige Filippo Neri stichtte in 1574 de orde der Oratorianen. Dit was een ongebruikelijke orde van geestelijken die geen geloften moesten afleggen en samenleefden in zelfstandige en onafhankelijke gemeenschappen. Gesteund door aartsbisschop Jacobus Boonen en onder leiding van de pastoor van Scherpenheuvel stonden de Oratorianen in voor de werking van het bedevaartsoord.

Hun oratorium of klooster wordt gebouwd in 1624 en in datzelfde jaar werd het klooster erkend door paus Urbanus VIII. In 1660 werd het klooster verbonden met de sacristie van de basiliek door middel van een overdekte verbindingsweg. Deze deels onderaardse gang is de zogenaamde Barokgang.

In de nasleep van de Franse Revolutie werden de laatste Oratorianen uit Scherpenheuvel in hechtenis genomen en veroordeeld tot dwangarbeid in Frans-Guyana. Tijdens het transport wist één van hen op spectaculaire wijze te ontsnappen, maar de anderen wachtte een droef lot in het overzeese Cayenne.

Toen de Oratorianen na de Franse vervolgingen terugkeerden was hun klooster grotendeels ontmanteld en verkocht als bouwmateriaal. Hun oratorium was vervallen tot een ruïne; van wederopbouw was er geen sprake meer. Het huidige uitzicht van de site herinnert nog altijd aan deze woelige periode.

Mariahal

Begin jaren zeventig werd besloten om een grote hal te bouwen voor eucharistievieringen, omdat de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek te klein was geworden. De Mariahal werd afgeleverd in 1972 en heeft een capaciteit van 2000 zitplaatsen.

Het concept is een tijdelijke constructie, die de mogelijkheid heeft om mee te evolueren met toekomstige plannen voor de omgeving.

Latijns College

De Oratorianen werkten niet alleen als priesters, maar ook als leraren. In 1656 openden zij een Latijns College in Scherpenheuvel. De school ontsnapte aan het lot van het oratorium.

Nadat de Oratorianen Scherpenheuvel voorgoed vaarwel hadden gezegd, werd het college eigendom van de Zusters van Liefde. Zij verkochten de school in 1830 aan pastoor Lambertz van Tildonk. Hij kocht in naam van de Ursulinen niet alleen het college, maar ook afspanning "De Drie Snoeken".

De zusters Ursulinen bouwden het college uit tot een kostschool voor meisjes, die ver buiten onze landsgrenzen bekend stond als een hoogstaande onderwijsinstelling. Tot aan de Tweede Wereldoorlog zouden hier zelfs Engelse, Schotse en Zwitserse meisjes naar school gaan. Sinte-Lutgardislyceum werd de nieuwe naam van de school in de jaren vijftig.

Eind jaren negentig doofden de activiteiten van de school langzaam uit en kreeg het gebouw een nieuwe bestemming. Vandaag is Onthaalcentrum "De Pelgrim" hier gevestigd.

Eik van Kaggevinne

Kaggevinne is een buitenbeentje onder de deelgemeenten en gehuchten die deel uitmaken van Scherpenheuvel-Zichem. Bij de fusie van 1977 werd de gemeente Kaggevinne opgesplitst in twee delen. Een deel werd bij Diest gevoegd en het andere deel werd aan onze gemeente toevertrouwd.

Vanaf het begin van de veertiende eeuw duikt de naam op in documenten, "Kaggevinne" zou staan voor "ven langs een dijk". Door de eeuwen heen bleef het landelijke karakter bewaard in dit glooiende stukje Hageland. In deze groene omgeving trotseert een prachtige eenzame zomereik de tijd.

Deze eik is echt levend erfgoed met een hoogte van 17 meter en een kruin van 28 meter. De stam heeft een omtrek van vier meter, we kunnen alleen gissen naar de ouderdom van deze reus.