Print

Messelbroek

Sint-Michielskerk

Toen de prins-bisschop van Luik in 1147 al zijn bezittingen opsomde, vermeldde hij ook Testelt en Messelbroek. In die tijd stond er in Messelbroek niet veel meer dan een kleine kapel. Als we prins-bisschop Hendrik van Leyen mogen geloven betaalden de witheren van Averbode huur voor deze gronden. Pas aan het einde van de twaalfde eeuw kreeg de abt van Averbode het recht om de pastoor te kiezen.

In de dertiende eeuw werd de kapel een echte kerk - ze werd vergroot met een koor en een toren. De toren was bekroond met een scherpe spits en opgetrokken uit ijzerzandsteen, een steensoort met een typische bruine kleur die vaak terugkomt bij middeleeuwse gebouwen in onze streek.

In het midden van de achttiende eeuw werd het schip van de kerk afgebroken en herbouwd met een nieuw grondplan. Aan het begin van de twintigste eeuw werd ook dit kerkgebouw met de grond gelijk gemaakt om plaats te maken voor een nieuwbouw naar het ontwerp van architect Langerock.

De huidige kerk is nauwelijks ouder dan honderd jaar. Enkel de middeleeuwse toren slaagde erin de bouwwoede van opeenvolgende generaties te overleven.

De Pastorij

"Een norbertijnse erfgoedparel!" zo wordt de pastorij van Messelbroek omschreven in het heemkundig tijdschrift van Averbode (uitgave van December 2019)

De abdij van Averbode voorzag de parochie van Messelbroek al sinds 1166 van een bedienaar voor de plaatselijke kapel of kerk. Het was ook de abdij die zorgde dat er een deftig onderkomen werd gebouwd voor de pastoor.

De huidige pastorij werd opgetrokken in de periode 1754 - 1756. De bouwmeester was broeder Grégoire Godissar, een zeer bekwaam vakman uit de abdij van Averbode.

Het gebouw is erg traditionaal opgevat met een rechthoekig grondplan en twee verdiepingen. Dat alles is afgewerkt met een grote zolder onder een zadeldak of tentdak. Achter de centraal gelegen voordeur ligt een gang die de woning in twee deelt. Eén gedeelte met woon- slaapgelegenheid voor de pastoor en zijn personeel en het andere gedeelte voor eventuele gasten.

Opmerkelijk is dat de bakstenen die gebruikt werden om het gebouw op te trekken ter plaatse werden gebakken met klei die afkomstig was uit de putten van Testelt. Leem voor de bepleistering van muren en plafonds kwam uit Averbode waar, naar men vermoedt, ook het timmerwerk voor ramen en deuren werd gemaakt. Het geheel oogt sober maar mooi door de verwerking van verschillende kleuren en materialen.

Oorspronkelijk was de pastorij omgeven door een brede gracht waarbinnen zich naast de pastorij ook een weiland en boomgaard bevonden. In die gracht zette men vis uit. De pastorij had dus een eigen voedselvoorziening en beveiliging in tijden van nood. Bij restauratiewerken in de jaren '70 van de vorige eeuw is deze gracht volledig dicht gegooid.

De pastorij is momenteel in privébezit en dus niet toegankelijk voor bezoekers.